FAQ

De warmte wordt opgeslagen in water. De buffer wordt gevuld met gewoon leidingwater of, bij goede kwaliteit, met het grondwater dat vrijkomt bij bronnering. Het water blijft in de buffer. Sterke industriële beschermingsmaterialen en folies houden het water in de buffer vast. Warmtewisselaars zorgen voor warmtetransport. Het water in de buffer komt dus niet in contact met tapwater.
Het water in de buffer wordt maximaal 90-95 graden Celcius. Deze hoge temperaturen zorgen ervoor dat seizoensopslag mogelijk is. Bij gebruik van zonnecollectoren wordt ca. 50% van de opgewekte energie afgestaan aan de buffer. De overige warmte kan rechtstreeks geleverd worden aan het gebouw (tapwater en ruimteverwarming).
In principe kan tot 0 graden C worden onttrokken. De manier waarop je deze energie verwerkt staat vrij. Bij lage temperatuurverwarming (vloerverwarming) kun je richting 30 graden onttrekken zonder gebruik te maken van hulpmiddelen (warmtepomp). Bij radiatoren is een hogere temperatuur nodig. Aan het eind van de winter kan een kleine water-water warmtepomp helpen. Deze gebruikt de buffer dan als bron.
Dit spaceframe is puur constructief: het houdt het talud van de wanden intact en zorgt voor stevigheid. Na plaatsing wordt de buffer geïsoleerd en afgedekt met aarde. Daarna is het boventerrein weer bruikbaar als grasveld, speelplaats, tuin of parkeerplek. Zo worden schaarse vierkante meters dubbel benut!
1. Bij vraag naar koeling: de gedurende de zomermaanden onttrokken warmte van het gebouw wordt opgeslagen in de buffer voor gebruik in de winter (op deze manier kan het aantal warmtecollectoren verminderd worden) 2. Aan het eind van de winter: je haalt dan restenenergie uit de buffer op het moment dat de buffertemperatuur zo laag is geworden dat er geen warmte-uitwisseling (exergie) meer optreedt. Het is inefficiënt de buffer in te zetten bij het laden van de buffer: de warmtepomp gaat dan een erg lage COP draaien.
De buffer is zowel in lengte, breedte en diepte schaalbaar. Maar de ondergrens is 85m3. Dat heeft twee redenen. De eerste is economisch: een kleinere buffer is kostprijs technisch inefficiënt (ROI versus referentie gas). De tweede reden is fysisch: bij 85m3 is het gewicht gelijk aan de opwaartse druk die ontstaat door de isolatie. Een buffer kleiner dan 85m3 kan ondanks de tegendruk van het water naar boven komen. De bovengrens wordt bepaald door de energetische behoefte en het beschikbaar oppervlak. Buffers groter dan 1500m3 plaatsen we bij voorkeur in cascade.
Niet alle gemeenten hebben onmiddellijk paraat hoe vergunningstechnisch om te gaan met deze innovatie! Onze ervaring is dat een melding uiteindelijk volstaat. Ook in grondwaterbeschermingsgebied is een HoCoSto buffer toegestaan, mits de melding PMV goed onderbouwd wordt. Neem contact op met ons voor details.
nl_NLDutch
en_USEnglish nl_NLDutch